De opmaak gebeurt via een softwareprogramma dat door het Vlaams Energieagentschap (VEA) ter beschikking wordt gesteld. Na een inspectie van het gebouw voert de energiedeskundige in het softwareprogramma de nodige gebouwgegevens in.

Voor
woningen wordt het EPC berekend op basis van een aantal eigenschappen van het gebouw (zoals de gebruikte isolatiematerialen en de aanwezige verwarmingsinstallatie). Hier wordt enkel rekening gehouden met de gebouweigenschappen. Het werkelijke verbruik van de gebruiker heeft geen invloed op de berekening.

Voor
publieke gebouwen wordt het EPC berekend op basis van het
verbruik van elektriciteit, stookolie, aardgas of andere energiebronnen. Die gegevens moeten gedurende exact een jaar worden bijgehouden.